Grasachtigen


Bevertjes
Biezenknoppen
Bochtige smele
Borstelgras
Bosbies
Bosgierstgras
Boskortsteel
Bruine snavelbies
Buntgras
Draadzegge
Duinriet
Eenarig wollegras
Engels raaigras
Europese hanenpoot
Geknikte vossenstaart
Gestreepte witbol
Gewone bermzegge
Gewone veldbies
Gewone waterbies
Gewoon reukgras
Gewoon struisgras
Gladde witbol
Glanshaver
Goudhaver
Grote veldbies
Grote vossenstaart
Handjesgras
Hard zwenkgras
Heen
Helm
IJle dravik
IJle zegge
Italiaans raaigras
Kamgras
Kransnaalaard
Kropaar
Kruipertje
Kweek
Liesgras
Maïs
Mannagras
Mattenbies
Pijpenstrootje
Pitrus
Reuzenzwenkgras
Riet
Rietgras
Rietzwenkgras
Rogge
Ruige veldbies
Ruige zegge
Ruw beemdgras
Schaduwgras
Scherpe zegge
Snavelzegge
Straatgras
Straatliefdegras
Tandjesgras
Tengere rus
Timoteegras
Veenpluis
Veldbeemdgras
Veldrus
Zachte dravik
Zandzegge
Zomprus

De groep der Grasachtige planten omvat een drietal grote families, die zich kenmerken door onopvallende bloemen en lange, smalle, 'grasachtige' bladeren. Het zijn de Russenfamilie, de Cypergrassenfamilie en de Grassenfamilie. 

Veruit de grootste familie is die der Grassen (Poaceae of Gramineae) waartoe o.a. ook onze graansoorten en weidegrassen behoren. Ze hebben ronde, holle en op de knopen verdikte stengels (halmen). Grasachtige respectievelijk stengelachtige, rolronde, biesachtige bladeren komen voor bij de geslachten Veldbies resp. Rus uit de Russenfamilie of Juncaceae. De stengels van de planten uit deze familie hebben geen knopen, zoals de soorten uit de Grassenfamilie. Bovendien hebben de grasachtige bladeren van de Veldbiezen lange dunne haren.

Uit de Cypergrassenfamilie kenmerken de Zeggen zich door een driekantige knooploze stengel, waaromheen de bladeren in drie rijen gerangschikt zijn. De overige geslachten hebben een biesachtig uiterlijk. De enige vertegenwoordiger uit de Commelinafamilie, de Eendagsbloem met smalle grasachtige bladeren en knopige stengel hoort eveneens tot deze groep.