Heggendoornzaad - Torilis japonica

Heggendoornzaad, Torilis japonica, is een tamelijk hoog worden ruw behaarde plant met tijdens de bloei schermvormige bloeiwijzen. De bloemen kleuren wit tot roze en vormen na de vruchtzetting gestekelde vruchten die als splitvrucht ook wel de naam klitvrucht verdienen. Immers de vruchten blijven met de kromme stekels gemakkelijk in de vacht van dieren hangen. Het zijn planten die graag in ruigten langs hagen en bosranden staan, nogal eens samen met Dolle kervel.

Heggendoornzaad, Torilis japonica (Houtt.) DC., uit de Schermbloemenfamilie of Apiaceae, is een tweejarige soort en verreweg de grofste van de drie Doornzaden die in onze contreien voorkomen.

De planten hebben een penwortel waarop een ruw behaarde rechtopstaande en gevulde stengel staat. Dat de stengel gevuld is, tref je niet veel aan bij de plantensoorten uit de Schermbloemenfamilie. 

Aan de stengel staan de bladeren met een schedevormige bladsteel  verspreid. De bladeren zijn in omtrek driehoekig en 2 tot 3 voudig geveerd. De bladeren lijken daardoor wel op die van Fluitenkruid en Dolle kervel, maar ze zijn meer glanzend groen dan de doffe bladeren van laatstgenoemde. De deelblaadjes zijn fijn ingesneden en kunnen aan hun top gezaagd zijn. Dit laatste zie je niet bij de twee andere Doornzaadsoorten.

De bloeiwijzen bestaat uit een samengesteld scherm aan het eind van de vertakkingen van stengel. Het samengestelde scherm heeft onder het scherm een omwindsel dat meestal uit vijf omwindselbladeren bestaat. Het aantal schermpjes dat het samengesteld scherm vormt is meer dan vijf en ook ieder schermpje heeft een meerbladig omwindseltje. De vijftallige bloemen zijn in de knop roze en de kleur van de vijf kroonbladen is wit tot roze. De vijf kroonbladen zijn zo diep uitgerand dat ze bijna lijken te bestaan uit 10 kroonbladen. De meeldraden wisselen af met de kroonbladen. De priemvormige kelktanden zijn goed te zien, wat wel wat afwijkend is ten opzichte van veel soorten uit de Schermbloemenfamilie.

Het onderstandig vruchtbeginsel groeit na bevruchting uit tot een splitvrucht, die vanwege de stekels op de vruchthuid ook wel klitvrucht worden genoemd. Bij Heggendoornzaad zijn beide helften van de vrucht bezet met kromme stekels.

Heggendoornzaad staat in bosranden en ruigtes, waar regelmatig ook de Dolle kervel te vinden is, maar als er teveel stikstof in de bodem zit mijdt de plant die stek.

MM_210128

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Schermbloemenfamilie - Apiaceae
Plantengeslacht:
Doornzaad - Torilis
Plantvorm:
kruid
Plantgrootte:
0.50 - 1.00 meter
Bloeiperiode:
Juni - Augustus
Bloemkleuren:
roze, wit
Bloeiwijze:
samengesteld scherm
Bloemvormen:
vijftallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
5 kelktanden, 5 kroonbladen
Meeldraden:
5 meeldraden
Vruchtbeginsel:
onderstandig
Stijlen:
2
Stempels:
2
Vrucht:
splitvrucht
Zaden:
-
Stengels:
rechtopstaand, behaard, gevuld
Schors:
-
Bladstand:
verspreid
Bladvorm:
afnemend 2-3 x geveerd
Bladrand:
ingesneden
Ondergronds deel:
penwortel
Plantengemeenschappen:

Het verspreidingsgebied van Heggendoornzaad is behalve Europa met uitzondering van het noorden van dit continent de Kaukasus, een deel India ten zuiden van de Himalaya en het oosten van Azië, wat terug te vinden is in de wetenschappelijke soortsnaam 'japonica'. De noordwest grens van het areaal ligt in Nederland. De soort komt dan ook niet voor op de Waddeneilanden, kent enkele lokale vestigingen in Friesland maar verder vooral in de zuidelijke helft van het land en verder België in.

De plantensoort 'Heggendoornzaad' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Als bijzonderheid moeten we de vruchten noemen met de kromme stekels. Ze blijven gemakkelijk in de vacht van langslopende dieren hangen en zo wordt de soort verspreid. De Nederlandse geslachtsnaam 'Doornzaad' is duidelijk afgeleid van dit type klitvrucht.

Uitgebreidere informatie over de ecologie van Heggendoornzaad en de relaties van deze soort met andere organismen en het milieu kunnen gevonden worden in Weeda, E.J. et al., (1987) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 2: 289

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 571. Of met de nieuwste druk van deze flora: Duistermaat, L. (2020) Heukels' Flora van Nederland, 24ste druk: 764.

Een andere gemakkelijke determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 649-650.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Tórilis japónica