Op bovenstaande foto Heemst uit de Kaasjeskruidfamilie

Een vergelijking van vier Kaasjeskruiden (Groot kaasjeskruid, Klein kaasjeskruid, Vijfdelig kaasjeskruid, Muskuskaasjeskruid) en Heemst, met hun belangrijkste kenmerken, verspreiding

Groot kaasjeskruid (Malva sylvestris): Kenmerken: 30-120 cm hoog, rechtopstaand, behaard, handnervige bladeren minder dan 1/3 diep ingesneden, paarslila tot rozerode bloemen (18-25 mm), bloemen met donkere strepen, 5 kelkbladen, 5 kroonbladen, 3 bijkelkslippen. Verspreiding: Vochtige, voedselrijke, vaak omgewerkte grond, bermen, dijken. Verschil: Bloemen zijn opvallend groot en paarsroze, bladeren niet diep ingesneden.

Klein kaasjeskruid (Malva neglecta): Kenmerken: 10-40 cm hoog, liggend/opstijgend, weinig ingesneden, bijna ronde bladeren met 5 ondiepe lobben, witte tot lichtroze bloemen, splitvrucht lijkt op een platte kaas. Verspreiding: Stikstofrijke, open bodems, ruderale plekken. Verschil: Laagblijvend, kleine witte of lichtroze bloemen, bladeren weinig ingesneden.

Vijfdelig kaasjeskruid (Malva alcea): Kenmerken: 25-100 cm hoog, sterk vertakt, bovenste bladeren diep vijfdelig, onderste vijflobbig, roze bloemen, 5 kelkbladen, 5 kroonbladen, 3 brede bijkelkslippen, onbehaarde deelvruchten. Verspreiding: Zeldzamer, vooral in ruigten en op kalkrijke bodems.

Muskuskaasjeskruid (Malva moschata): Kenmerken: 30-70 cm hoog, rechtopstaand, diep ingesneden handvormige bladeren, roze tot witachtige bloemen, zwakke muskusgeur, smalle bijkelkslippen. Verspreiding: Graslanden, bermen, tuinen.

Heemst (Althaea officinalis): Kenmerken: 60-150 cm hoog, rechtopstaand, zacht behaard, grijsgroene, langwerpige tot eironde bladeren, lichtroze bloemen, 5 kelkbladen, 5 kroonbladen, 6-9 bijkelkslippen. Verspreiding: Vochtige, zoute of brakke grond, vooral in het westen van Nederland.

Belangrijkste verschillen: Groot kaasjeskruid heeft grote, paarsroze bloemen en minder diep ingesneden bladeren. Klein kaasjeskruid blijft laag en heeft kleine, weinig ingesneden bladeren. Vijfdelig kaasjeskruid heeft diep ingesneden bovenste bladeren en brede bijkelkslippen. Muskuskaasjeskruid heeft een muskusgeur en smalle bijkelkslippen. Heemst is het grootst, heeft grijzige bladeren en veel bijkelkslippen.

Opdracht:

  • Bekijk een aantal determinatie-video’s en foto-determinaties van Kaasjeskruidfamilie aandachtig en let op de kenmerkende verschillen die worden uitgelegd.
  • Kies minimaal twee verschillende soorten uit de Kaasjeskruidfamilie in de video’s. 
  • Noteer de overeenkomsten en verschillen in uiterlijk (zoals bloeiwijze, bladvorm, stengel en groeiwijze). 
  • Beschrijf in eigen woorden hoe je de soorten uit elkaar kunt houden. 
  • Ga op het goede moment naar buiten bijvoorbeeld met hulp van onze bloeikalender om te kijken of de omstandigheden kloppen met wat je hebt gelezen.