Langarige zeekraal - Salicornia procumbens s. procumbens

Op de slikken in de Zeeuwse delta en op het wad bij de Waddeneilanden tref je Zeekraal aan. De soort valt op door zijn glazig en vlezig eruitziende uiterlijk en gedrongen bouw. De planten worden niet hoog en lijken uit kleine stukjes, de kralen, samengesteld. Langarige zeekraal, een van de twee soorten die tegenwoordig onderscheiden worden, heeft drie bloemen bij elkaar zitten, die alledrie even groot zijn. Deze bloemen staan links en rechts van de leden, waaruit de schijnaar bestaat. Deze schijnaar kan meer dan 10 lang zijn tot wel 15 cm toe. In het najaar kleuren de planten naar oranje-geel tot geel-bruin.

De een- soms tweejarige Langarige zeekraal, Salicornia procumbens subsp. procumbens., hoort tot de Amarantenfamilie of Amaranthaceae. Vroeger werd de soort ingedeeld in de Ganzenvoetfamilie, die als aparte familie werd beschouwd.

De twee Zeekraalsoorten die in onze contreien voorkomen lijken erg veel op elkaar, maar met wat moeite zijn ze van elkaar te onderscheiden. Je moet daarvoor zowel de bouw van de plant die je bekijkt als de kleine bloemdekschubben goed bestuderen. De planten zijn opgebouwd uit zogenaamde stengelleden. Elk stengellid is in feite samengegroeid uit een stengel en twee tegenoverstaande bladeren, die niet meer van elkaar zijn te onderscheiden. Er is een hoofdas van leden en daar staan de zijassen vrijwel loodrecht op. Ook op die zijassen van de eerste orde kunnen weer zijassen van de tweede orde staan. Ze zijn alle samengesteld uit leden. De zijassen buigen omhoog naar een stand parallel aan de hoofdas, zodat ze op meerarmige kandelaars lijken. Langarige zeekraal staat op het slik waar de planten bij iedere vloed in het zeewater staan. Het zijn echte zoutplanten, die alleen in zout water kunnen gedijen.

Wanneer de planten in bloei komen ontstaan aan de toppen van die assen zogenaamde schijnaren. Deze bestaan uit een aantal wat kortere leden die aan iedere kant drie bloemen hebben staan. Bij de Langarige zeekraal worden deze schijnaren behoorlijk lang tot soms wel 15 cm. Dat is een goed onderscheid met de Kortarige zeekraal want bij deze soort worden de schijnaren tot zo'n 4 cm lang. Van de bloemen zie je vooral de bloemdekken. Onder die bloemdekken zitten de andere bloemdelen verborgen. Die bloemdekken zijn ook een goed middel om onderscheid te maken tussen beide soorten. Bij de Langarige zeekraal zijn de drie bloemdekken ongeveer even groot. Bij rijping van de bloemen komt een helmhok tevoorschijn. Een bloem kan één of twee helmknoppen hebben. In het laatste geval komen ze als open helmhok van meer dan een halve tot bijna één mm groot na elkaar tevoorschijn. Als ze hun pollen hebben afgegeven aan meestal de wind komt pas de stijl met twee stempels onder het bloemdek vandaan.

Het zaadje is licht behaard, wat een tegenstelling is met de gladde en kale planten. Na de zaadzetting sterven de planten in het najaar af. Het bloemdek valt pas in het nieuwe voorjaar tijdens het vergaan van de afgestorven planten af en de zaden kunnen dan verspreid worden. In het najaar kunnen de in het voorjaar en zomer lichtgroene planten verkleuren naar oranje-geel tot bruin-geel. Ze verkleuren minder sterk naar rood en paars zoals de Kortarige zeekraal dat doet. Doordat de onderste leden van de assen verdrogen buigen de assen als het ware naar beneden.

MM_201125

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Plantengeslacht:
Zeekraal - Salicornia
Plantvorm:
waterplant
Plantgrootte:
0.05 - 0.40 meter
Bloeiperiode:
Bloemkleur:
groen
Bloeiwijze:
-
Bloemvorm:
-
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
1 bloemdek
Meeldraden:
2 meeldraden
Vruchtbeginsel:
-
Stijlen:
1
Stempels:
2
Vrucht:
-
Zaden:
-
Stengels:
rechtopstaand, glad, rolrond
Schors:
-
Bladstand:
tegenoverstaand
Bladvorm:
-
Bladrand:
-
Ondergronds deel:
hoofdwortelstelsel
Plantengemeenschappen:

Net als de Kortarige zeekraal is ook de Langarige zeekraal een kosmopoliet en derhalve aan te treffen op slikkige bodems in de getijdenzone.

De plantensoort 'Langarige zeekraal' komt voor in de volgende plantenassociaties:

Jonge planten zijn eetbaar, mits ze een nacht in zoetwater hebben gelegen zodat het zout heeft kunnen uitlogen.

Meer informatie over de ecologie van Langarige zeekraal en de relaties met andere organismen en het milieu is te vinden in Weeda, E.J. et al., (1985) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 1: 170-171

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk:

Of met de nieuwste druk van deze flora: Duistermaat, L (2020) Heukels'flora van Nederland, 24ste druk: 513.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 413-414. In deze flora wordt geen onderscheid gemaakt tussen de twee Zeekraalsoorten.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Salicórnia procúmbens