Elk type bodem heeft een eigen plantengroei. Soms staat de grond vol met grassen, op andere bodems staan veel struiken. De ene bodem is kaal zand en de andere is helemaal bedekt. Of planten op een bodem kunnen groeien heeft niet alleen met het type bodem te maken maar ook de interacties met andere plantensoorten spelen een belangrijke rol. Daarnaast hebben ook dieren en mensen een grote invloed op de begroeiing
Onze redactie heeft plantensoorten van de Lage Landen in 18 goed herkenbare hoofdgroepen ingedeeld. De Lelieachtigen of Liliales is een groep families van eenzaadlobbige planten.
Kleurrijke en geurende bloemen zijn het ‘uithangbord’ van bloeiende planten om insecten aan te trekken voor de bestuiving en dus bevruchting en voortplanting van de plantensoort. Je kunt dat in de natuur voortdurend zien gebeuren als je er een beetje op let tijdens het wandelen.
Een adagium van de redacteur van Flora van Nederland is ‘De natuur begint direct bij je voordeur’. Om hier handen en voeten aan te geven, neem ik de plantensoorten eens onder de loep die je zoal op de stoep en tussen stoeptegels, langs de gevels van huizen in de straat en bijvoorbeeld in de straatgoot kunt vinden.
Veelal staat er in plantengidsen netjes beschreven wanneer een plant bloeit. Dit is meestal een korte reeks aan maanden en vaak vallen deze maanden in het voorjaar: april, mei, juni.
In de natuur kenmerkt ieder seizoen zich door een eigen karakter. In het najaar zie je steeds meer vruchten aan bomen en struiken komen. Het is de tijd van de bessen, zoals van de Wilde lijsterbes.
Nog een keer aandacht voor de vernieuwde, groene stedelijke basisgids Stadsflora van de Lage Landen brengt de wilde planten van Nederlandse en Vlaamse steden in beeld. Dit naslagwerk is de opvolger van de veldgids Stadsplanten, die in 2004 uitkwam.
Deze familie kent een aantal geslachten en soorten die wat de habitus, dat is het uiterlijk, betreft soms weinig overeenkomsten hebben, maar op grond van moderne moleculair biologische en genetische inzichten dicht bij elkaar staan in evolutionaire zin.
Een rijke insecten- en ongewerveldenfauna vormt de basis voor intacte voedselketens en een gezond milieu. Toch wordt het belang van biodiversiteit in openbaar groen nog wel eens onderschat.
We zien duidelijke verschillen tussen bomen die bruin worden, geel worden of rood worden. En dat is niet toevallig. Er is zelfs een duidelijke verdeling.
Januari is in meteorologisch opzicht de tweede wintermaand. De gemiddelde temperatuur is over een zeer lange periode ongeveer 2,8 graden C. Het is de tijd dat de plantenwereld ogenschijnlijk helemaal in rust is.
Ik ken een mooie plek voor vossenbessen in de buurt van Austerlitz. Daar heb ik altijd van Oktober tot December veel vossenbessen geoogst. Dit keer ging ik op Zondag 5 Maart met mijn hond naar dat bos, en stopte gewoontegetrouw het plastic doosje dat ik altijd gebruik om de vossenbessen in te verzamelen in mijn rugzak.