Video Determinatie

Veldbeemdgras - Poa pratensis

Beemdgrassen vormen een grote groep soorten binnen de Grassenfamilie met veel individuen. Veldbeemdgras, Poa pratensis, is een van die soorten die zeer algemeen in onze graslanden vertegenwoordigd is. Hij lijkt wat de bouw (of habitus) betreft met name tijdens de bloei met zijn grote pluim sterk op Ruw beemdgras. Maar Veldbeemdgras is gemakkelijk te onderscheiden van Ruw beemdgras doordat de stengel onder de pluim glad is, de schedes van de bladeren niet ruw zijn en het tongetje niet spits en slechts 2 mm hoog is over de hele breedte.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Binnen de Grassenfamilie vormen de Beemdgrassen een groot geslacht, waartoe veel algemeen voorkomende grassen behoren. Veldbeemdgras, Póa praténsis L., wordt naast het natuurlijke voorkomen in diverse graslandgemeenschappen ook veel gebruikt in grasmengsels voor de inzaai van gazons, sportvelden en voor voederdoeleinden.

Veldbeemdgras is een overjarig gras, dat een dichte zode vormt. Het wordt tot 90 cm hoog en bloeit met een pluim in de voorzomer. De aartjes hebben drie tot vijf bloempjes, waarvan de kelk- en kroonkafjes even lang zijn, ongeveer 3 mm. Het onderste kroonkafje is onderaan sterk wollig behaard. De meeldraden hebben ongeveer 2 mm lange, violette helmhokken.

De bladeren zijn 2-5 mm breed en het bovenste stengelblad is vaak blauwgroen van boven. De top van het blad eindigt bootvormig en bij gladstrijken scheurt de top en vormt dan een v. Langs de hoofdnerf lopen twee lichte lijnen, die als het blad tegen het licht gehouden wordt goed te zien zijn. We noemen dit wel een skispoor. Op de overgang van bladschijf en bladschede zit een tot ongeveer 1 mm breed tongetje (ligula). De bladschede kan kaal tot wollig behaard zijn. Onder de pluim voelt de steel niet ruw. Dat laatste is een goed en gemakkelijk kenmerk om Veldbeemdgras te onderscheiden van Ruw beemdgras, dat bovendien een tongetje heeft van 5-7 mm.

MM_120309

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Grassenfamilie - Poaceae
Plantengeslacht:
Beemdgras - Poa
Plantvorm:
gras
Plantgrootte:
0.10 - 0.90 meter
Bloeiperiode:
Mei - Juni
Bloemkleuren:
paars, groen
Bloeiwijze:
pluim
Bloemvorm:
grasbloem
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
2 kelkkafje, 2 kroonkafje
Meeldraden:
3 meeldraden
Vruchtbeginsel:
bovenstandig
Stijlen:
1
Stempels:
2
Vrucht:
graanvrucht of korrel
Zaden:
-
Stengels:
rechtopstaand, glad
Schors:
-
Bladstanden:
in twee rijen, in zoden
Bladvorm:
lijnvormig
Bladrand:
gaaf
Ondergronds delen:
rhizoom/ wortelstok
Plantengemeenschappen:

Veldbeemdgras kan op diverse bodems voorkomen en heeft een breed ecologisch spectrum. In Schaminée, J. et al. (2010) Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland worden de uiteenlopende gemeenschappen waarin Veldbeemdgras een belangrijke begeleidende soort is beschreven

14Bb1 Associatie van Schapengras en Tijm

14Bb2 Duin-Struisgras-associatie

14Bc2 Associatie van Sikkelklaver en Zachte haver

14Cb1 Duin-paardenbloem-associatie

14Cb2 Associatie van Wondklaver en Nachtsilene

16Ba1 Kievitsbloem-associatie

16Bb1 Glanshaver-associatie

16Bc1 Kamgrasweide

17Aa1 Associatie van Dauwbraam en Marjolein

17Aa2 Associatie van parelzaad en Salomonszegel

20Ab4 Associatie van Wintergroen en Kruipwilg

31Ba1 Slangenkruid-associatie

37Ac2 Associatie van Duindoorn en Liguster

De plantensoort 'Veldbeemdgras' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Veldbeemdgras is een voorbeeld van een gras dat geen tweede bloeiperiode kent, zoals een aantal andere grassen die wel kennen.

Nog meer informatie over de ecologie van Veldbeemdgras en de relaties met andere organismen en het milieu is te vinden in Weeda, E.J. et al., (2003) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 5: 90-92.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 214.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 284.

Uitspraak wetenschappelijke naam: Póa praténsis