Vooral bekend als aangeplante straat- en parkboom kennen we de Witte paardenkastanje, Aesculus hippocastanum L. uit de Zeepboomfamilie. Tot diezelfde familie horen ook de Esdoorns.

Witte paardenkastanje is een tot wel 20 m hoog wordende boom met een stevige stam en een grote, bolvormige kroon. De schors van de stam is aanvankelijk groen, maar vertoont bij het ouder worden een karakter dat lijkt op het afschilferen van de schors. De kleur is dan ook vaker naar het donkerbruin toe.

Na de winter vallen vooral de donkerbruine knoppen op die tijdens het opzwellen in het vroege voorjaar glinsteren en plakkerig aanvoelen. Als de bruine knopschubben opengaan blijken ze een fijne beharing aan de rand te hebben. Deze haren vallen al snel af. Uit de knoppen komen nieuwe jonge twijgen te voorschijn en jonge bladeren die al direct groen kleuren en ook sterk behaard zijn. Ook deze beharing verdwijnt al snel als de bladeren zich verder ontvouwen en uitstrekken. De bladeren staan tegenover elkaar aan de jonge twijgen en takken. Het lijkt er soms zelfs op dat ze ook kruisgewijs staan. Elk blad heeft een lange steel en geen steunblaadjes. De vijf tot zeven deelblaadjes variƫren in grootte. Het middelste is het langst en kan wel 15 tot 20 cm lang worden. De twee buitenste zijn veel kleiner en meten tot ongeveer de helft van het middelste deelblad. De deelblaadjes hebben nauwelijks een steeltje, ze staan vrijwel direct ingeplant op de bladsteel. De grootste breedte hebben de deelblaadjes in de bovenste helft van het blad en de top gaat vrij abrupt over in een spits. De rand van de deelblaadjes is gezaagd tot dubbel gezaagd. Het blad als geheel is handvormig samengesteld en dus handnervig, terwijl de deelblaadjes veernervig zijn.

Bekijk de video