Rood bosvogeltje - Cephalanthera rubra

Rood bosvogeltje herken je in de bloeitijd aan de wat grotere rozerode bloemen. Overigens zijn de bloemdekbladen vaak dichtgevouwen. Maar dan nog vallen de bloemen in bosranden en zoom best op. De stengels zijn bovenaan behaard, net als de vruchtbeginsels. Ze staan rechtop en de smalle lancetvormige bladeren zitten verspreid aan de stengel.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Rood bosvogeltje, Cephalanthera rubra (L.) Rich., uit de Orchideeënfamilie of Orchidaceae, is een meerjarige zeer zeldzame verschijning in onze contreien en mogelijk al uitgestorven.

Op de ondergrondse scheefstaande wortelstok ontwikkelt zich de rechtopstaande stengel die in het bovenste deel behaard is. Onderaan de voet van de stengel staan een paar schedevormige bladeren en aan de stengel staat een aantal lancetvormige bladeren verspreid. Ze hebben een gave rand. 

In de aarvormige bloeiwijze bovenaan de stengel staat een aantal bloemen. De lip van de rozerode bloemen is in tegenstelling tot de lip van de twee andere Bosvogeltjes nogal langgerekt. De zijdelingse sepalen zijn ongeveer 20 mm groot, maar het valt op dat de bloemdekbladen veelal bijna de hele dag gesloten zijn. Het onderstandig vruchtbeginsel staat direct op de stengel die je in dit del ook de aaras mag noemen en het is net als de aaras behaard.

In het zuiltje wordt het stuifmeel of pollen als een soort poeder afgegeven en het stempel scheidt een plakkerige stof af zodat een bezoekend insect, dat met zijn kop tegen die plakkerige stempel drukt, het poederige pollen op zijn kop geplakt krijgt en dit meegenomen wordt naar een volgende bloem. Bij zo'n tweede bezoek aan een andere bloem wordt het pollen op het stempel van die bloem afgegeven, waardoor er bevruchting tot stand kan komen. In het vruchtbeginsel ontwikkelt zich vervolgens het stofvormig zaad. Als de doosvrucht na uitrijping opent kan dit stoffijne zaad door de wind verspreid worden.

MM_260903

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Plantengeslacht:
Bosvogeltje - Cephalanthera
Plantvorm:
kruid
Plantgrootte:
0.25 - 0.60 meter
Bloeiperiode:
Bloemkleuren:
rood, roze
Bloeiwijze:
aar
Bloemvorm:
orchideeenbloem
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
3 sepalen, 3 petalen
Meeldraden:
-
Vruchtbeginsel:
onderstandig
Stijlen:
-
Stempels:
-
Vrucht:
doosvrucht
Zaden:
stofzaad
Stengels:
rechtopstaand, behaard
Schors:
-
Bladstand:
verspreid
Bladvorm:
lancetvormig
Bladrand:
gaaf
Ondergronds deel:
scheefstaande wortelstok
Plantengemeenschap:

Het areaal van Rood bosvogeltje omvat het zuiden en midden van Europa en onze contreien liggen aan de noordwestelijke grens van dit areaal. Ook in het aansluitend deel van Azië en het Atlasgebied in Noord-Afrika is de soort aan te treffen. Rood bosvogeltje is in de afgelopen vijftig jaar in Nederland aangetroffen op een aantal plaatsen, maar die zijn niet bestendig gebleken. Omdat Zuid-Limburg het dichtst bij het bestaande areaal ligt en een van de plekken is waar Rood bosvogeltje in het verleden voorkwam, zou de soort zich daar kunnen vestigen.

De plantensoort 'Rood bosvogeltje' komt voor in de volgende plantenassociaties:

Rood bosvogeltje was een door de flora en faunawet wettelijk beschermde plant tot 2017 en staat nu nog steeds als 'bedreigd' vermeld in de Heukels' Flora van Nederland (2020).

Nog meer informatie over de ecologie van Rood bosvogeltje en de relaties met andere organismen en het milieu is te vinden in Weeda, E.J. et al., (2003) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 5: 350

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 107. Of met de nieuwe 24ste druk van deze flora: Duistermaat, L. (2020) Heukels' Flora van Nederland: 151.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 363.

Kreutz, C.A.J. (Karel) (2019): Orchideeën van de Benelux, deel 1, 181-191.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Cephalanthéra rúbra