Cosmos - Cosmos bipinnatus

Een composiet met veelkleurige bloeiwijzen boven in de plant is Cosmos. De uit Midden Amerika afkomstige neofyt heeft 2 tot 3 maal geveerde bladeren die onderin de plant tegenover elkaar staan en bovenin verspreid. Daarin lijkt de Cosmos op de Alsemambrosia en is in het vegetatief stadium dan ook gemakkelijk met de Ambrosia te verwarren.

Een éénjarige plantensoort die vooral van belang is omdat de vegetatieve delen sterke gelijkenis vertonen met de Alsemambrosia is Cosmos, Cosmos bipinnatus Cav., uit de Composietenfamilie of Asteraceae. De plant is vooral geliefd als tuinplant vanwege de kleuren die de lint- en buisbloemen hebben. Daar zit dan ook meteen het grote verschil in met de Alsemambrosia, die immers geen fraai gekleurde composietenbloemen heeft.

Na de kieming ontwikkelt zich het hoofdwortelstelsel en het bovengrondse deel van de plant. De stengel staat rechtop en kan behoorlijk hoog worden wel tot zo'n meter. Aan de stengel verschijnen de bladeren die net als die van de Ambrosia 2-3 voudig geveerd en ingesneden zijn. Daardoor lijkt het blad van de Cosmos sterk op dat van de Alsemambrosia en kan er gemakkelijk mee verward worden. Er zijn toch een paar kleine verschillen, dat betreft de kleur van het blad, die is wat lichter groen dan de kleur van de bladeren van de Alsemambrosia. Ook is de beharing van zowel de stengel als de bladeren veel meer beperkt en tenslotte is de ingesneden rand van de bladeren bij de Cosmos vlak, terwijl die bij de Alsemambrosia naar boven omgebogen is. De stand van de bladeren aan de stengel is vergelijkbaar: onderin de plant staan de bladeren tegenover elkaar en naar boven toe staan de sterk geveerde bladeren verspreid aan de stengel.

De bloeiwijze van de Cosmos is echter geheel anders dan die van de Alsemambrosia. Bovenaan de stengel ontstaat een duidelijk hoofdje met daarin buis- en lintbloemen. De lintbloemen kunnen tot 7 cm lang zijn en hebben kleuren die variëren van rood, en roze tot wit. De buisbloemen in het midden van het hoofdje zijn geel van kleur. Dat maakt duidelijk waarom de Cosmos als tuinplant geliefd is: de plant is een kleurrijk sierraad voor tuinen en ecologisch ingezaaide akkerranden.

Na bevruchting ontwikkelen zich de nootjes die een pappus hebben dat uit naalden bestaat; dus geen pluizig pappus.

MM_201005

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Composietenfamilie - Asteraceae
Plantengeslacht:
Cosmos - Cosmos
Plantvorm:
kruid
Plantgrootte:
0.35 - 1.25 meter
Bloeiperiode:
Juli - Oktober
Bloemkleuren:
geel, rood, roze
Bloeiwijze:
hoofdje
Bloemvormen:
lintvormig, buisvormig
Bloemtype:
eenslachtig en/of tweeslachtig
Bloembladen:
5 vergroeide kroonbladen
Meeldraden:
5 vergroeid met elkaar
Vruchtbeginsel:
onderstandig
Stijlen:
1
Stempels:
2
Vrucht:
nootje
Zaden:
-
Stengels:
rechtopstaand, gegroefd, behaard
Schors:
-
Bladstanden:
tegenoverstaand, verspreid
Bladvormen:
ingesneden, dubbel geveerd
Bladrand:
veerspletig
Ondergronds deel:
hoofd- en bijwortels
Plantengemeenschap:
-

Cosmos is een plantensoort afkomstig uit Midden-Amerika. De soort is dus in onze contreien als een echte neofyt en ook als een exoot te beschouwen. Uit tuinen of ingezaaide akkerranden kan de plant verwilderen en zo ook terecht komen in bermen en grasland. De planten worden onder meer gekweekt en uitgezaaid in akkerranden om de biodiversiteit in de tegenwoordig door de intensieve landbouw nogal eentonige akkers te verhogen. Het valt daarbij op dat de veerdelige bladeren bij sommige 'rassen' of onder sommige omstandigheden heel fijn verdeeld zijn. Deze bladeren lijken minder op die van de Alsemambrosia. De kleuren van deze bloemen kunnen variëren van wit tot roze en rood.

In de flora van Heimans, Heinsius en Thijsse (1983) tref je verder ook soorten aan met gele lintbloemen onder de wetenschappelijke naam Coreopsis; verder meldt deze flora ook nog soorten met de naam Calliopsis. Deze hebben bredere bladdelen en gele lintbloemen met een donkerbruine vlek aan de basis. In het Nederlands worden deze planten Tijgerbloempje genoemd.

De plantensoort 'Cosmos' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

De vegetatieve bovengrondse delen, stengel en bladeren, lijken erg op die van de hooikoortsplant Alsemambrosia en kunnen derhalve tot verwarring aanleiding geven. De bloeiwijzen echter geven uitsluitsel over de vraag of je te doen hebt met de Cosmos of de Alsemambrosia. Die bloeiwijzen, het zijn bij beide soorten hoofdjes, zijn heel verschillend. Cosmos past daarin goed bij de meeste andere composietensoorten in tegenstelling tot de Alsemambrosia die bovenin de stengel een druiventrosachtige groep hangende hoofdjes heeft met enkel meeldraadbloemen.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Duistermaat, L (2020) Heukels'flora van Nederland, 24ste druk: 724.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 1064.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Cósmos bipinnátus.