Video Determinatie

Waterdrieblad - Menyanthes trifoliata

Opvallende verschijningen zijn de witte bloeiwijzen van het Waterdrieblad, Menyanthes trifoliata, in de oeverzone van veenplassen in Zuid-Holland en zuidwest Friesland. In het tweede deel van de lente vallen ze daar op. Ook tref je ze wel aangeplant aan in grotere vijvers. De uit drie deelblaadjes bestaande bladeren lijken op het water te drijven en kunnen grote plakkaten vormen. Hieraan is de soort ook goed te herkennen. De soort wordt zeldzamer door ontginningen en ontwateringen. Het laatste speelt vooral in de moerasbossen als er verlaging van het grondwaterpeil plaatsvindt.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Waterdrieblad, Menyanthes trifoliata L., is een in de lente bloeiende water- of oeverplant die tot de Watergentiaanfamilie of Menyanthaceae, hoort.

De bladeren hebben een lange steel die ontspruit aan de onder water levende wortelstok. Elk blad bestaat uit drie omgekeerd eivormige of ruitvormige deelbladeren die bovenop het water drijven; ze zijn zittend aan de gezamenlijke steel bevestigd. Ze kunnen hele plakkaten vormen. Ook ontstaan lange drijvende stengels met daaraan de driedelige bladeren die dan in hun geheel op het water drijven.

De tros met bloemen komt ook tevoorschijn uit de wortelstok. De lange steel draagt de vele witte bloemen. Als ze in de knop zijn, zijn ze vaak van buiten rood gekleurd. De openstaande kronen zijn wit en hebben een duidelijke franje op de kroonslippen, net als de verwante Watergentiaan. Er zijn vijf meeldraden en een bovenstandig vruchtbeginsel dat na bevruchting uitgroeit tot een doosvrucht. Een opvallend verschijnsel tijdens de bloei is dat in beginsel de bloei van de bloemen van beneden naar boven gaat, met uitzondering van de topbloem, die meestal al vrij snel opengaat, eerder dan de direct eronder staande bloemen.

Het bovenstandig vruchtbeginsel groeit uit tot een groene doosvrucht.

Waterdrieblad staat in tamelijk ondiep water en soms in de verlandingszone. Maar ook in veenmoerassen, vennen en duinvalleien komt de soort wel voor. Lokaal in Zuidwest Friesland en Zuid-Holland kun je de soort vrij algemeen vinden. In natte moerasbossen kun je Waterdrieblad zelfs vinden. Maar verder is de plant zeldzaam tot zeer zeldzaam. Ze mijdt zout water en ontbreekt dan ook in de estuaria van zuidwest Nederland. Wel kun je Waterdrieblad aangeplant vinden in veel vijvers.

MM_120515

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Watergentiaanfamilie - Menyanthaceae
Plantengeslacht:
Menyanthes - Menyanthes
Plantvorm:
oeverplant
Plantgrootte:
0.15 - 0.30 meter
Bloeiperiode:
Mei - Juni
Bloemkleuren:
wit, rood
Bloeiwijze:
-
Bloemvormen:
vijftallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
5 kelkslippen, 5 vergroeide kroonbladen
Meeldraden:
5 vergroeid met de kroonbladen
Vruchtbeginsel:
bovenstandig
Stijlen:
1
Stempels:
1
Vrucht:
doosvrucht
Zaden:
-
Stengels:
wortelstok, drijvend
Schors:
-
Bladstanden:
wortelstandig-verspreid, verspreid
Bladvormen:
drietallig, oneven geveerd, omgekeerd eirond
Bladrand:
gaaf
Ondergronds delen:
vlezig rhizoom/ wortelstok
Plantengemeenschappen:

Het areaal van het op de rode lijst staande Waterdrieblad is Europa, het noorden van Azië en Noord-Amerika. De soort is te vinden in moerassen en veenstreken en wel aan de waterkanten. Met de wortelstok en de behoorlijke massale stengels en bladmassa draagt de soort bij aan de verlanding van open water, zoals heidevennen en volledig geïsoleerde meanders van beken en rivieren, zoals van de Maas. Ook komt de soort met redelijk hoge aanwezigheid voor in poelen in het Maasgebied en in trilvenen. Schaminée, J. et al. (2010) Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland beschrijven de soort als een belangrijke soort in de

09Aa3 Associatie van Moerasstruisgras en Stompe zegge

09Ba1 Associarie van Schorpioenmos en Ronde zegge

10Ab1 Associatie van Draadzegge en Veenpluis

De plantensoort 'Waterdrieblad' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Waterdrieblad heeft als bijzonder kenmerk zogenaamde bloemdimorfie; dit betekent dat er twee soorten bloemen voorkomen. Sommige bloemen hebben een korte stijl en lange meeldraden en andere bloemen het omgekeerde, namelijk een lange stijl en korte meeldraden. Dat helpt uitstekend tegen zelfbestuiving.

Voor meer uitgebreide informatie over de relaties met andere organismen, het milieu en de ecologie van Waterdrieblad verwijzen wij naar Weeda, E.J. et al., (1988) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 3: 98.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 586.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 953.

Uitspraak van de wetenschappelijke naam: Menyánthes trifoliáta.

In het Duitse taalgebied: Fieberklee, Fieberkleegewächse; Kosmos Naturführer (2017). Rothmaler, W. (1981) Exkursionsflora vermeldt ook nog de Duitse naam Bitterklee.