Video Determinatie

Vroegeling - Erophila verna

Het kleine sierlijke plantje Vroegeling, Erophila verna, kun je op rechtstreeks door de zon verwarmde plekken al in januari bloeiend aantreffen. Het is weliswaar klein en onopvallend, maar omdat het al zo vroeg zelfs in de winter kan bloeien met zijn fijne witte bloemetjes, niet over het hoofd te zien. Ook in de stedelijke omgeving kun je de plantjes heel veel vinden.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Heel vroeg in het jaar als de winter nog niet voorbij is kun je op droge, door de zon verwarmde gronden al een klein eenjarig plantje met witte bloemetjes aantreffen. Het is een soort uit de familie van de Kruisbloemigen en luistert naar de naam Vroegeling, Erophila verna (L.) Chevall.. De van 1 tot 15 cm hoge plantjes kiemen in de herfst en ontwikkelen een kleine rozet die overwintert. Aan het eind van de winter soms zelfs al in januari ontwikkelt het plantje een bladloze stengel met kleine witte bloemetjes.

De kruisbloemetjes hebben 4 witte kroonblaadjes van 2-3 mm die over vrijwel de gehele lengte gespleten zijn. Ze zijn groter dan de kelkblaadjes, meestal 2 x zo groot. Het bovenstandig vruchtbeginsel groeit uit tot een rond tot ovaal afgeplat hauwtje met een lengte van 4,5 - 7 mm en een breedte van 1,5 - 3 mm. De vruchtstelen zijn relatief lang en staan meestal schuin af.

De grondstandige blaadjes vormen een rozet. Ze zijn omgekeerd eirond tot lancetvormig. Ze zijn gaafrandig of getand en spits. De bladeren zijn behaard met onvertakte haren en sterharen. De stengel is bladloos en kan kaal of behaard zijn.

Vroegeling kan met duizenden exemplaren in de open rand van grasvelden staan, of op open droge zanderige grond in plantsoenen, graanakkers, kwekerijen en van de winterzon warmte ontvangend grasland op open plekken. In de stedelijke omgeving staat de soort ook vaak op oude muren, soms samen met Muurpeper. Ook in de duinen kun je het aantreffen. De vorm van de hauwtjes en de beharing kunnen nogal variabel zijn.

MM_110812

Laatste wijziging: 130730

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Kruisbloemenfamilie - Brassicaceae
Plantengeslacht:
Erophila - Erophila
Plantvorm:
kruid
Plantgrootte:
0.03 - 0.15 meter
Bloeiperiode:
Januari - Juni
Bloemkleur:
wit
Bloeiwijze:
-
Bloemvormen:
viertallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
4 kelkbladen, 4 kroonbladen
Meeldraden:
6 meeldraden
Vruchtbeginsel:
bovenstandig
Stijlen:
1
Stempels:
1
Vrucht:
hauwtje
Zaden:
-
Stengel:
rechtopstaand
Schors:
-
Bladstand:
rozet
Bladvorm:
lancetvormig
Bladrand:
gaaf
Ondergronds delen:
hoofd- en bijwortels
Plantengemeenschappen:

Vroegeling is een vormenrijke soort die een groot verspreidingsgebied over het noordelijk halfrond heeft. Ze komt voor in Europa, Noord-Afrika, het noorden van Azië en Noord-Amerika. Het is, zoals Schaminée, J. et al. (2010) in de Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland omschrijven een belangrijke soort in

13Aa Verbond van Vetkruiden en Kandelaartje

14Ca Duinsterretjes-verbond

30Ba2 Associatie van Ruige klaproos

De plantensoort 'Vroegeling' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Op oude stenige muren doet de Vroegeling het ook goed, zoals we hier aangeven: Op 17 maart 2013 hebben we tientallen kleine bloeiende plantjes van de Vroegeling gevonden op de bovenkant van een oude muur van de Jekerbrug bij de Ezelenmarkt te Maastricht. De bloeiende plantjes zijn nog wat kleiner dan 3 cm en hebben rozetten van minder dan 2,5 cm in doorsnee. Ze dragen al vruchten en staan daar in de volle zon tussen veel kleine Straatgrasplantjes en veel Muurpeper.

Uitgebreidere informatie over de ecologie van Vroegeling en de relaties van deze soort met andere organismen en het milieu kunnen gevonden worden in Weeda, E.J. et al., (1987) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 2: 33.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 427.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 534.

Uitspraak van de wetenschappelijke naam: Eróphila vérna.

In het Duitse taalgebied: Hungerblümchen, Kreuzblütengewächse; Kosmos Naturführer (2017). In Rothmaler, W. (1981) wordt als andere soortsnaam ook nog Frühlings-Hungerblümchen gegeven.