Video Determinatie

Kleine watereppe - Berula erecta

Aan de witte schermen en de als lamellen van een jalouzie horizontaal gedraaide deelblaadjes kun je de oeverplant Kleine watereppe, Berula erecta, in de zomer herkennen. De plant kan met ondergrondse uitlopers tamelijk grote groepen vormen aan de benedenrand van beken, waterlopen en afwateringsgreppels. De schermen staan aan de enigszins zigzag verlopende stengels steeds tegenover een geveerd blad.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Een in de zomer bloeiende plantensoort uit de Schermbloemenfamilie is de Kleine watereppe, Berula erecta (Huds.) Coville.

Het is een van de vele plantensoorten uit deze familie met witte bloemen. De ronde, gestreepte stengels zijn enigszins zigzag gewijs opgebouwd. Ze zijn buisvormig en hol. De bladeren staan verspreid aan de stengels van de kruidachtige planten. Deze bladeren zijn enkel geveerd. Maar de ondergedoken bladeren zijn 3-4 voudig geveerd. De deelblaadjes van de onderwaterbladeren hebben lijnvormige slippen, terwijl die van de bladeren boven water onregelmatig en grof gezaagd zijn. Het topblaadje is vaak driedelig; als het ware vormen de twee laatste deelblaadje en het topblaadje een drieslippig blaadje. Wat ook opvalt is dat de deelblaadjes aan de bladeren de zogenaamde jalouziestand innemen: ze staan zo gedraaid dat ze vrijwel horizontaal staan aan de lange steel.

De schermen staan zijdelings op de schermsteel tegenover een blad. Ze hebben 10-20 stralen. De omwindselbladen en de -omwindselblaadjes zijn groot en aan de top in drie slippen ingesneden. De onderstandige vruchtbeginsels zijn kaal. De kelktanden zijn spits tot priemvormig en niet altijd gelijk van grootte. Na bestuiving groeien de vruchtbeginsels uit tot vruchten die eivormig zijn tot bijna rond: hoogte en breedte zijn bijna even groot, zo'n 1,5 - 2 mm. Op doorsnee zijn ze rond.

Ondergronds kan de plant zich met uitlopers snel uitbreiden en op die manier grote groepen vormen. Het is een plant die in de rand van waterlopen tot in de oeverzone staat.

MM_140402

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Schermbloemenfamilie - Apiaceae
Plantengeslacht:
Berula - Berula
Plantvorm:
oeverplant
Plantgrootte:
0.25 - 0.60 meter
Bloeiperiode:
Juli - September
Bloemkleur:
wit
Bloeiwijze:
scherm
Bloemvormen:
vijftallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
5 kelktanden, 5 kroonbladen
Meeldraden:
5 meeldraden
Vruchtbeginsel:
onderstandig
Stijlen:
2
Stempels:
2
Vrucht:
splitvrucht
Zaden:
-
Stengel:
rechtopstaand
Schors:
-
Bladstand:
verspreid
Bladvormen:
meervoudig geveerd, samengesteld
Bladrand:
dubbel gezaagd
Ondergronds delen:
rhizoom/ wortelstok
Plantengemeenschappen:

Het areaal van Kleine watereppe omvat de gematigde streken van het hele noordelijk halfrond, met uitzondering van het oosten van Azië. De algemeen voorkomende plant mijdt zilte bodems en in de hogere delen is ze alleen te vinden in beekdalen en langs rivieren. De plant houdt van enigszins voedselrijk water, zoet tot licht brak water en daarom vind je haar vaak in afwateringsgreppels en ook wel langs kanalen.

Kleine watereppe is als een kensoort of begeleidende soort van de volgende plantengemeenschappen beschreven in Schaminée, J. et al. (2010) Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland

08 Rietklasse

08Ba1 Associatie van Slangenwortel en Waterscheerling

08Ba2 Associatie van Waterscheerling en Hoge cyperzegge

08Bb2 Associatie van Ruwe bies

12Ba2 Associatie van Moeraszoutgras en Fioringras

16Ab3 Associatie van Echte koekoeksbloem en Gevleugeld hertshooi

De plantensoort 'Kleine watereppe' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Kleine watereppe is een giftige plant.

Uitgebreidere informatie over de ecologie van de Kleine watereppe en de relaties van deze soort met andere organismen en het milieu kunnen gevonden worden in Weeda, E.J. et al., (1987) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 2: 260-261.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 558.

Een andere gemakkelijke determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 643. In deze flora wordt de voormalige wetenschappelijke naam Sium erectum Huds. gebruikt.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Bérula erécta.