Video Determinatie

Reuzenzwenkgras - Festuca gigantea

Op vochtige plaatsen in onze rijkere loofbossen kun je Reuzenzwenkgras, Festuca gigantea, aantreffen. Het is een groot fors gras met overhangende bladeren en ook een overhangende pluim. Deze laatste kan wel 50 cm groot zijn. In de aartjes in de pluim vallen de lange kafnaalden op die ontspruiten aan de onderste kroonkafjes van de grasbloemen in de aartjes. De brede bladeren draaien hun onderkant naar boven toe.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Binnen het geslacht Zwenkgras zien we een aantal grassen die in grootte variëren van klein (tot maximaal 60 cm hoog) tot groot (tot 2 m hoog). Niet het allergrootste maar wel heel groot is Reuzenzwenkgras, Festuca gigantea (L.) Vill..

De onbehaarde planten groeien in losse pollen en hebben geen wortelstokken of uitlopers.

De onderste bladeren van dit gras zijn vrij breed van 6-18 mm. De bladeren, die tot 50 cm lang kunnen zijn, hangen meestal over met de sterk glanzende onderzijde van het blad naar boven. Op de overgang van de bladschede naar de bladschijf vind je een vliezig tongetje dat niet erg groot is, hoogstens zo'n 1-2 mm. Aan de andere kant van de stengel tref je twee stengelomvattende oortjes aan. Ze zijn kaal en sikkelvormig en spits. Die oortjes zijn heel kenmerkend.

Reuzenzwenkgras is een zomer- en herfstbloeier. De grasplanten hebben een grote pluim die tot wel 50 cm groot kan zijn. Deze pluim is overhangend. Het meest opvallende kenmerk van de grasbloemen is dat ze aan het onderste kroonkafje (of lemma) van elke bloem een opvallend lange kafnaald hebben van ten minste 1 cm en meestal tot bijna 2 cm. De kafnaald is enigszins geknikt.

MM_130925

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Grassenfamilie - Poaceae
Plantengeslacht:
Zwenkgras - Festuca
Plantvorm:
gras
Plantgrootte:
0.50 - 1.50 meter
Bloeiperiode:
Juni - Oktober
Bloemkleuren:
lichtgeel, grijs
Bloeiwijze:
pluim
Bloemvorm:
grasbloem
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
2 kelkkafje, 2 kroonkafje
Meeldraden:
3 meeldraden
Vruchtbeginsel:
bovenstandig
Stijlen:
1
Stempels:
2
Vrucht:
graanvrucht of korrel
Zaden:
-
Stengel:
rechtopstaand
Schors:
-
Bladstanden:
in rijen, in losse pollen
Bladvorm:
lijnvormig
Bladrand:
gaaf
Ondergronds delen:
bijwortelstelsel
Plantengemeenschappen:

Reuzenwenkgras heeft een areaal dat zich uitstrekt over westen, midden en oosten van Europa en noordwaarts tot in het zuiden van Scandinavië. Ook de Kaukasus en het centrale deel van Azië hoort tot het verspreidingsgebied.

In onze omgeving is het plaatselijk algemeen, vooral in beschaduwde loofbossen waar de ondergrond vochtig is, zoals op plekken waar regenwater afstroomt of in de buurt van beken. Het wordt in Schaminée, J. et al. (2010) Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland beschreven als een kensoort van

43Aa Verbond van Els en Gewone vogelkers

43Aa5 Gewone vogelkers-Essenbos

De plantensoort 'Reuzenzwenkgras' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

De meeste Zwenkgrassen zijn soorten die in de volle zon groeien. Reuzenzwenkgras is daar een uitzondering op. Je kunt het beschouwen als een halfschaduwplant. Met Rietzwengras, het andere zeer forse Zwenkgras heeft de soort gemeenschappelijk dat de bodem enigszins verdicht is.

Nog meer informatie over de ecologie van Reuzenzwenkgras en de relaties met andere organismen en het milieu is te vinden in Weeda, E.J. et al., (2003) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 5: 79.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 204.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 288.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Festúca gigantéa.