Video Determinatie

Bitterzoet - Solanum dulcamara

De paars met gele bloemen van de Bitterzoet, Solanum dulcamara, die graag over andere planten in de vegetatie heen groeit, vallen gedurende de hele zomer op. Het is een soort die een beetje liaanachtige kan groeien en op zeer verschillende substraten kan gedijen van natte bodems zoals in broekbossen tot op droge kalkhellingen zoals in Zuid-Limburg. Je vindt deze pioniersoort dan ook algemeen in grote delen van de Benelux. Om deze brede ecologische amplitude is Bitterzoet ook een dankbare soort voor onderzoek naar de oorzaak van deze brede ecologische amplitude en de factoren die ertoe leiden dat deze eigenschappen tot expressie komen.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

Bitterzoet, Solanum dulcamara L., is een algemeen voorkomende soort uit de Nachtschadefamilie. De Nachtschadefamilie omvat talrijke voedingsgewassen zoals aardappel, tomaat, paprika en aubergine. Daarnaast is ook tabak een soort uit deze familie. Genoemde gewassen zijn in Europa ingevoerd na de ontdekking van Amerika in 1492. De enige van nature in onze streken voorkomende soort uit het geslacht Nachtschade of Solanum is de Bitterzoet. Het is een pioniersoort die je in diverse vegetaties kunt aantreffen met de opvallende paarse bloemen en later rode bessen.

De stengels van de plant zijn meestal onderaan houtachtig en kunnen windend, rechtopstaand of liggend aangetroffen worden. In het geval ze rechtopstaand en windend zijn kan de plant hoogtes tot 2 meter bereiken in de vegetatie waarin ze staat. De aan de stengel verspreid staande, soms een beetje paars aangelopen, bladeren kunnen sterk variëren in vorm. Ze kunnen ongedeeld langwerpig tot eirond zijn, maar ook spiesvormig tot geoord en zelfs drietallig zijn.

De regelmatige, vijftallige diep blauwpaarse bloemen hebben grote opvallende gele helmhokken, die met elkaar vergroeid zijn. De bloemetjes lijken daardoor wel wat op kleine lantaarntjes. De kroonslippen hebben aan de voet twee groene vlekken met een witte rand. De bovenstandige vruchtbeginsels ontwikkelen zich na bevruchting tot ei- of ellipsvormige scharlakenrode bessen. Deze zijn glanzend met enigszins uitgroeide kelkblaadjes die meehelpen bij de verspreiding van de bessen. De bloei treedt op in de zomer van juni tot september. Hommels bezoeken de bloemen en kunnen door het trillen van hun vleugels pollen vrijmaken uit de helmhokken die naar binnen open gaan.

Bitterzoet is te vinden in ruigten, op omgewerkte grond, in akkers, in struweel en op ruderale plaatsen, kortom op plaatsen die zeer voedselrijk zijn en nat tot droog. Dat de soort extremen kan verdragen blijkt uit het feit dat ze enerzijds te vinden is in Elzenbroekbossen en anderzijds op zeer droge kalkhellingen staat. Ze komt op het noordelijk halfrond in de gematigde streken voor.

MM_111121

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Nachtschadefamilie - Solanaceae
Plantengeslacht:
Nachtschade - Solanum
Plantvorm:
kruid
Plantgrootte:
0.30 - 2.00 meter
Bloeiperiode:
Juni - September
Bloemkleuren:
paars, geel
Bloeiwijze:
-
Bloemvormen:
vijftallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
5 kelkbladen, 5 kroonbladen
Meeldraden:
5 vergroeid met elkaar
Vruchtbeginsel:
bovenstandig
Stijlen:
1
Stempels:
1
Vrucht:
bes
Zaden:
-
Stengel:
klimmend
Schors:
bruin
Bladstand:
verspreid
Bladvormen:
drietallig, langwerpig
Bladrand:
gaaf
Ondergronds delen:
wortelstok
Plantengemeenschappen:

Bitterzoet is een algemene soort die in zeer veel verschillende habitats is aan te treffen verspreid over de gematigde sterken van hele noordelijk halfrond. In de Benelux is ze met uitzondering van de Midden-Veluwe, het noordoosten van nederland en de Ardennen zeer algemeen. Ze komt in extreem verschillende standpaatsen voor variërend van nat zoals bijvoorbeeld in Broekbossen tot extreem droog zoals op droge kalkhellingen in Zuid-Limburg; als de bodem maar voldoende voedsel- en carbonaatrijk is. Dat komt ook tot uiting in de beschrijvingen van de vegetaties waarin Bitterzoet vooekomt in Schaminée, J. et al. (2010) Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland:

36Aa2 Associatie van Grauwe wilg;

38Aa2 Lisdodden-ooibos

39 Klasse van de Elzenbroekbossen

40Aa2 Zompzegge-Berkenbroek

De plantensoort 'Bitterzoet' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Bitterzoet is te vinden in ruigten, op omgewerkte grond, in akkers, in struweel en op ruderale plaatsen, kortom op plaatsen die zeer voedselrijk zijn en nat tot droog. Dat de soort extremen kan verdragen blijkt uit het feit dat ze enerzijds te vinden is in Elzenbroekbossen en anderzijds op zeer droge kalkhellingen staat.Om deze brede ecologische amplitude is is Bitterzoet ook een dankbare soort voor onderzoek naar de oorzaak van deze brede ecologische amplitude en de factoren die ertoe leiden dat deze eigenschappen tot expressie komen. Dat is belangrijk omdat de resultaten van dit onderzoek kunnen bijdragen aan het verbeteren van de teeltomstandigheden van de diverse voedselgewassen die tot de Nachtschadefamilie behoren zoals Tomaten, Paprika, Aubergine, Peper en Aardappel.

Bitterzoet heeft last van de bruinrotbacterie, die de verwante aardappel kan aantasten. Ook is Bitterzoet door alkaloïden als solanine giftig (Vries, F. de (2010) Gevaarlijke planten, 20).

Voor meer uitgebreide informatie over de relaties met andere organismen, het milieu en de ecologie van Bitterzoet verwijzen wij naar Weeda, E.J. et al., (1988) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 3: 187.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 484.

Een andere determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 852-853.

Uitspraak van de wetenschappelijke naam: Solánum dulcamára