Video Determinatie

Amerikaans krentenboompje - Amelanchier lamarckii

Wanneer in het vroege voorjaar de grote witte bloemen van het Amerikaans krentenboompje, Amelanchier lamarkii, zich ontvouwen komen ook de fijne bladeren te voorschijn uit de knoppen. Deze bladeren zijn ovaal tot omgekeerd eirond van vorm met een zeer fijn gezaagde rand en de kleur is in het begin tamelijk roodachtig, maar naar de middennerf toe groener. De schors van de takken is lichtbuin en glad. In de nazomer ontstaan uit de vruchtbeginsels besachtige "krenten", die sappig zijn.

Klik op een foto voor kenmerk met uitleg:
Verspreidingskaart
Ecologische parameters

In de rozenfamilie kennen we veel bomen en struiken met witte bloemen. Tamelijk afwijkend van de andere witte bloemen zijn die van het Amerikaans krentenboompje, Amelanchier lamarckii L., en wel omdat de zacht roomwitte kroonbladen tamelijk groot zijn, veel groter dan die van bijvoorbeeld de Sleedoorn of de Meidoorn en zelfs de Zoete kers.

De smalle kroonbladen zijn van buiten kaal en staan ingeplant op het onderstandig vruchtbeginsel. De stijlen, 3-5 in aantal, zijn in de onderste helft gedeeltelijk vergroeid. In het vruchtbeginsel vind je op doorsnee het dubbele aantal hokjes als er stijlen zijn. Er zijn veel meeldraden en onder de kroonbladen staan vijf kelkbladen ingeplant. De bloemen zitten in trossen bij elkaar, maar de tros is minder rijkbloemig dan bij Vogelkers of Zoete kers. Na bestuiving en bevruchting door vliegen, kevers of wespen groeien de vruchtbeginsels uit tot rode en later paarse krenten.

De bladeren komen ongeveer tegelijkertijd uit hun knoppen tevoorschijn met het begin van de bloei. Door de typische kleur, een beetje roodachtig oranje, vallen deze op tijdens het ontplooien. Dat geeft het totale aanzien van een bloeiend krentenboompje een wel zeer sfeervol uiterlijk. Later verkleuren de bladeren naar groen. De rand van de ovale, elliptische tot omgekeerd eironde bladeren is zeer fijn gezaagd. Ze zijn bij het uitbotten van onderen behaard, maar die haren verdwijnen bij het ouder worden. Ze worden tot 3-7 cm lang.

De rechtopstaande takken en de zijtakken hebben een lichtbruine, gladde schors met weinig lenticellen, dat zijn zogenaamde luchtopeningen. Hier en daar zijn doorns aan de takken te vinden.

Amerikaans krentenboompje, in oudere flora's ook wel Drents krenteboompje genaamd, staat op vrij vochtige tot droge zanderige bodems in loofbossen en struweelranden. Inmiddels breidt de soort zich ook als ingeburgerd uit in onze vegetaties.

MM_130625

Hoofdgroep:
Plantenfamilie:
Rozenfamilie - Rosaceae
Plantengeslacht:
Krentenboompje - Amelanchier
Plantvorm:
struik of boom
Plantgrootte:
1.00 - 12.00 meter
Bloeiperiode:
April - Mei
Bloemkleur:
wit
Bloeiwijze:
-
Bloemvormen:
vijftallig, regelmatig
Bloemtype:
tweeslachtig
Bloembladen:
5 kelkbladen, 5 kroonbladen
Meeldraden:
10 of meer
Vruchtbeginsel:
onderstandig
Stijlen:
4
Stempels:
4
Vrucht:
bes
Zaden:
-
Stengel:
rechtopstaand
Schors:
horizontale lenticellen, glad, grijsgroen, bruin
Bladstand:
verspreid
Bladvormen:
elliptisch, omgekeerd eirond
Bladrand:
fijn gezaagd
Ondergronds delen:
hoofd- en bijwortels
Plantengemeenschappen:

Amerikaans krentenboompje is een tamelijke nieuwkomer in onze beuken-eikenbossen en wordt in de Veldgids Plantengemeenschappen van Nederland van Schaminée, J. et al. (2010) inmiddels ook al beschreven als soort die deel uitmaakt van

42Aa Zomereik-verbond

42Aa2 Beuken-Eikenbos

De plantensoort 'Amerikaans krentenboompje' komt voor in de de volgende plantenassociaties:

Amerikaans krentenboompje wordt steeds meer geliefd als tuinstruik. Je ziet de soort dan ook steeds meer in de stedelijke omgeving, waar het krentenboompje in het vroege voorjaar een bijdrage levert aan de frisse kleuren in onze tuinen. Dat de krenten in het najaar worden gegeten door tuinvogels maakt de soort ook in het najaar aantrekkelijk voor liefhebbers van tuinvogels.

Uitgebreidere informatie over de ecologie van het Amerikaans krentenboompje en de relaties van deze soort met andere organismen en het milieu kunnen gevonden worden in Weeda, E.J. et al., (1987) Nederlandse oecologische Flora. Wilde planten en hun relaties. Deel 2: 93.

Het determineren op wetenschappelijke basis kan gebeuren met behulp van Meijden, R. van der (2005) Heukels' Flora van Nederland, 23ste druk: 392.

Een andere gemakkelijke determinatie is mogelijk met Heijmans, E., Heinsius, H.W. en Thijsse, Jac.P. (1983) Geïllustreerde flora van Nederland, 22ste druk: 733, waar deze soort in het Nederlands Drents krentenboompje wordt genoemd.

Uitspraak (accenten) van de wetenschappelijke naam: Amelánchier lamárkii.