De Akkerwinde, Convolvulus arvensis L., hoort tot de Windefamilie of Convolvulaceae. Deze familie kenmerkt zich onder andere doordat de stengels van de plantensoorten uit deze familie allemaal windend zijn. Dat kenmerk hebben ze overigens gemeenschappelijk met de andere in de Benelux voorkomende liaanachtige planten zoals de Bosrank (of Clematis). De bladeren zijn verspreid aan de stengel, enkelvoudig en zonder steunblaadjes. De bloemen, die lekker geuren naar vanille, zijn regelmatig en de meeldraden staan op de vergroeide bloemkroon ingeplant.

De Akkerwinde onderscheidt zich van de Haagwinde en de Zeewinde, doordat de steelblaadjes klein zijn en ongeveer halverwege de bloemsteel zijn geplaatst. De plant is kaal of slechts zeer weinig behaard. De bladeren zijn langwerpig tot eirond en hebben een pijl- of spiesvormige voet. Soms hebben ze een stekelpuntje aan de top. De bloemen hebben een bovenstandig vruchtbeginsel dat tot een kale doosvrucht met 1-4 soms zelfs meer zaden kan uitgroeien, maar dat gebeurt zelden. De stempellobben zijn draadvormig. De trechtervormige bloemkroon is geheel wit of roze, of heeft duidelijke witte of roze strepen. De bloemkroon is vijfmaal zolang als de kelk.

Bekijk het plantenpaspoort met video van Akkerwinde