De hoge februaritemperatuur die nu al anderhalve week aanhoudt en waaraan de komende dagen toch een einde gaat komen, heeft ertoe geleid dat veel bomen en struiken heel snel in ontwikkeling zijn gekomen. Onder die bomen en struiken heb je nogal wat soorten die bestoven worden via de lucht, zogenaamde windbestuivers. Het eerste wat de exemplaren van deze bomen en struiken in hun jaarlijkse cyclus doen is zorgen voor de voortplanting. Nog voor dat er bladeren uit de knoppen tevoorschijn komen botten de bloemknoppen van de soorten uit.
Nu moet je je van deze bloemknoppen niet voorstellen dat je mooi gekleurde bloemen hebt. Neen, deze windbestuivers, die hun stuifmeel of pollen vrijgeven aan de lucht hebben in het algemeen bloemen die erop gebouwd zijn om heel veel pollen af te geven, respectievelijk hebben ze vrouwelijk bloeiende bloemen die naar buiten stekende stempels hebben om dit pollen uit de langskomende lucht te zeven. Dat houdt wel in dat deze plantensoorten heel veel investeren in heel veel pollen omdat de kans natuurlijk klein is dat dit pollen terecht komt waar het hoort, namelijk op de stempels.
Neveneffect is dat er heel veel pollenkorrels in de lucht zweven en omdat aan de buitenkant van dat pollen allergenen te vinden zijn, dat zijn eiwitachtige stoffen, kunnen mensen met een gevoelig immuunsysteem hierop reageren met hooikoortsachtige verschijnselen.
Struiken en bomen die nu al in bloei staan ut deze groep van windbestuivers zijn Hazelaars, heel veel Elzen, Populieren, Wilgen en Fladderiep. Je herkent deze soorten aan de katjes die de bloemen bevatten en die je in de wind ziet wiegen. Tot deze groep behoren ook Iepen, Taxus, de Levensboom en diverse Coniferen die je veel aantreft in tuinen.
Kortom veel mannelijke voortplantingscellen van bomen en struiken in de lucht: ‘Love is in the air!’.

Tekst door Maurice Martens en foto Herman van Wissen , 27 februari 2019 © Flora van Nederland