Een van de eerste bloeiende soorten in de vroege lente, soms al tijdens een zachte winterperiode is de Winterakoniet, Eranthis hyemalis (L.) Salisb., uit de Ranonkelfamilie. De stinsenplant is te vinden op buitenplaatsen in de loofbossen, met name de Essen-Iepenbossen; ze staat daar graag op de wat grazige plekken.
Aan de ondergrondse knolvormige wortelstokken ontspruiten stengels met enkel een blad of stengels met een bloem. Het blad aan de gladde stengel is handvormig diep ingesneden of gedeeld. Onder de gele bloem zit een krans van drie eveneens diep ingesneden bladeren; ze lijken een omwindsel te vormen.
De fraaie bloemen hebben 6 bloemdekbladen die geel van kleur zijn. Een onderscheid in kelk en kroon is niet te maken. De bloemdekbladen hebben tuitvormige honingbakjes of nectariën. De vele meeldraden zijn buisvormig en tweelippig. Het aantal bovenstandige vruchtbeginsels bedraagt meestal ook zes en deze groeien uit tot kokervruchten.
Vliegen, wespen en korttongige bijen zijn de normale bezoekers van de bloemen van Winterakoniet, maar gezien de bloeitijden hier te lande zal er weinig insectenbezoek plaatsvinden; alleen op warme zonnige dagen tijdens een zachte winter en de zeer vroege lente is dat mogelijk.

Door Maurice Martens © 2016 Flora van Nederland